zaterdag 10 oktober 2020

Tarik

 Tarik gaat naar de muur, trekt zijn bed weg, neemt onder het bed een plint van de vloer, legt die op tafel alsof er niets aan de hand is, gaat met zijn hand in een gat in de vloer, haalt een pakje hasj boven en geeft het aan mij. Zijn hand gaat opnieuw in dat gat en hij haalt een gsm boven.

'Want ge gaat pas vanavond mogen bellen, hé.'

Hij geeft me een gsm, een brok hasj en gaat werken. What the fuck, denk ik. Ik leg de hasj opzij en vraag me af hoe ik een telefoongesprek moet voeren. Naar wie moet ik bellen om te fluisteren 'hey, dit raadt ge nooit, ik zit in den bak'? Ik probeer te kalmeren en bel naar mijn vriendin, die me al lang thuis verwachtte met mijn enkelband. Ik toets haar nummer in en bel. Ze neemt op...


Enkele uren later komt Tarik terug van werken en hij blijkt een gezellige kerel te zijn. We spelen FIFA op de PlayStation, eten slagroomtaart en praten veel. Tarik vertelt dat hij in de cel zit voor drugssmokkel. Zijn job bestond erin naar Marokko te reizen, daar hasj te halen en die als toerist terug naar België te brengen. Hij vindt het niet erg om in de cel te zitten, want hij zegt dat hij buiten nog vierhonderdduizend euro cash heeft liggen. Vandaar die volle ijskast, denk ik. Omdat hij niet zo goed kan lezen, lees ik voor hem zijn volledig dossier. Ik lees dat hij langer moet vastzitten dan hij denkt, vier jaar zelfs, maar ik durf het hem niet te zeggen. Ik rook er nog eentje met Tarik en ga relaxed slapen met dank aan Canal+. Daarop tonen ze 's nachts porno. En alles ruikt naar hasj.


(Steven kon het zelf ook niet geloven - het Relaas)

Ruiselede

 Op zaterdagochtend zaten we eens in de problemen, want onze keeper, onze spits en onze kapitein kwamen niet opdagen voor de match. Bleek dat ze de avond voordien ergens hadden ingebroken, waren opgepakt en keurig op weg waren naar Ruiselede, naar de beruchte jeugdgevangenis. Ruiselede was voor velen een doel op zich: voor je achttiende moest je daar hebben gezeten. Als dat drie of zes maanden was, wow, dan was je een held.

......

Naarmate de tijd vordert, worden zijn verslavingen inderdaad heviger, zijn veroordelingen zwaarder, en begint hij te pendelen tussen de gevangenis en het gewone leven. Meerdere van zijn vriendschappen eindigen. Twee jaar en een half nadat ik de onze heb beëindigd, sterft Filip. Alleen in zijn cel in de gevangenis van Turnhout, aan een overdosis heroïne. Of het zelfmoord is of een ongeluk weten we jaren later nog niet. Enerzijds voel ik me heel slecht over zijn dood, anderzijds had ik al afstand van hem genomen omdat ik wist dat hij toch een vogel voor de kat was.


(uit Jonas en de Bende van de Zuid)